Home NL  |  Contact  |  Boeken  |  Muziek  |  Kunst  |  Film  |  Media  |   Overige  |  Shop

Hoofdstuk 1 – gedeelte

Twee weken geleden kwam ik aan in Mexico-stad of, zoals ze hier zeggen, Distrito Federal. Altijd een heel gedoe om via de douane en de bagageruimte naar buiten te komen. Vooral bij de douane duurt het wachten altijd behoorlijk lang, zeker als je een buitenlander bent. Mexicanen hebben een aparte controlepost, net als vele luchthavens dat voor ingezetenen hebben. Nadat ik vervolgens mijn koffers had opgepikt en door de laatste controle ging, was ik toe aan een sigaret. Het was een lange vlucht en ik had niet kunnen slapen in het vliegtuig. Meestal lukte me dat wel, maar dit keer zat ik ingesloten door een puber, die erg beweeglijk was in zijn slaap, aan mijn linkerzijde en een overmaatse Welshman, die voortdurend in onverstaanbaar Engels tegen mij praatte, aan mijn rechterzijde. Slapen tijdens de vlucht was daarom onmogelijk.
Eenmaal buiten draaide ik mijn eerste sigaret in zestien uur tijd. Ik stak hem aan en nam een flinke hijs. Ik voelde de nicotine door mijn aderen stromen; het zakte in mijn benen, die als van beton werden, en ik werd licht in mijn hoofd. Niet alleen het effect van de eerste sigaret na zoveel tijd was daaraan debet, ook de ijlere lucht van Mexico-stad droeg daaraan bij. De stad ligt tenslotte 2300 meter boven zeeniveau, ingesloten door bergen en twee vulkanen, Ixtaxihuatl de slapende vrouw en Popocatepetl de wakende man.
Als een echte metropool omsluit deze stad je volledig, slokt je op en, als je niet uitkijkt, spuugt je ook weer onverbiddelijk uit. Omdat ik door de nicotine moeite had me staande te houden, ging ik op een van mijn koffers zitten en genoot ik van elke hijs. Met mijn verfomfaaide kleren, ietwat verwarde haardos en meer dan een dagbaard zou ik niet misstaan als clochard in het 19e-eeuwse Parijs.
Zoals gebruikelijk zou Natasha mij met haar ouders ophalen, maar het duurde dit keer erg lang, dus ging ik weer naar binnen om in de aankomsthal naar haar op zoek te gaan. Zij is erg klein, zelfs voor een Mexicaanse, en misschien had ik haar over het hoofd gezien. Na een paar keer heen en weer te hebben gelopen was ik er zeker van dat zij nog niet was gearriveerd. In een stad van 26 miljoen inwoners kan het verkeer snel vastlopen, zeker omdat de meeste Mexicanen geen rijlessen hebben gehad en daarom niet altijd weten hoe zij zich in het verkeer moeten gedragen. Rijlessen zijn in Mexico ook niet verplicht; een rijbewijs evenmin. Zij was dus nog niet gearriveerd. Ik ging weer naar buiten om daar te wachten en stak nog een sigaret op. Ik ging weer op mijn koffer zitten voor een beetje comfort en genoot deze keer een stuk meer van de tabak.
Het was nu bijna vijf jaar geleden dat ik Natasha leerde kennen, via de sociale media. Ik had haar foto gezien en was direct gefascineerd door de uitdrukking in haar gezicht. Ik had zeker een kwartier gebiologeerd naar die foto zitten staren. Totdat ik me van de foto kon losrukken en schreef dat ik haar gezicht erg mooi en verfrissend vond, natuurlijk in het Engels. Ik wist niet zeker of zij ook Engels sprak, maar tot mijn opluchting gaf zij een reactie in het Engels terug en was daarmee mijn twijfel over de communicatie weggenomen. Nadat we elkaar een paar informatieve vragen stelden en beantwoordden, schreef zij dat ik behoorlijk irritant was. Blijkbaar bleef ik aandringen om wat meer persoonlijke informatie van haar los te krijgen, waarop zij in eerste instantie niet wou ingaan. Ik antwoordde mijn standaard verdedigingszin “Dank je, ik hou ook van jou”. Daarna bleef het minutenlang stil, wat voor mijn gevoel een eeuwigheid duurde. Maar ineens kwam van haar de vraag “Meen je dat nou? Hoe kun je nu al weten dat je van me houdt? Zeg me eerlijk, hou je van me, of ben je verliefd op me?”

Geef een reactie